Een mier kwam elke dag als eerste binnen bij een groot kantoor in Utrecht.
Ze werkte hard, was productief en altijd vrolijk.
De directeur, een leeuw, was onder de indruk.
“Ze werkt geweldig zonder toezicht,” dacht hij. “Met toezicht wordt ze vast nóg beter.”
Dus nam hij een kakkerlak aan als supervisor. Met ervaring. En met rapportages.
De kakkerlak installeerde meteen een prikklok.
Daarna een secretaresse-spin.
Toen een archiefkast.
Toen vergaderingen.
Toen spreadsheets.
De directeur was enthousiast over alle rapporten en grafieken, dus kocht de kakkerlak ook nog een computer, een printer en een systeembeheerder-vlieg.
De mier, eerst gelukkig en productief, begon zich kapot te ergeren aan formulieren, meetings en cc-mails.
De directeur besloot dat er “structuur” nodig was en stelde een krekel aan als afdelingsmanager.
De krekel begon met:
– een ergonomische bureaustoel
– nieuw tapijt
– een eigen kantoor
– een laptop
– en een persoonlijke assistent
De mier werd elke dag chagrijniger.
Toen stelde de krekel voor om een extern onderzoek te doen naar de werksfeer.
Er werd een uil ingehuurd als consultant.
Drie maanden later kwam hij met een rapport van 300 pagina’s:
Conclusie:
“Er werken te veel mensen op deze afdeling.”
Weet je wie er als eerste werd ontslagen?
De mier.
Reden volgens het rapport
“Gebrek aan motivatie en een negatieve houding tegenover veranderingen.”
Check ook: