Een schilder uit Utrecht is al jaren bezig om door te breken. Hij schildert landschappen, portretten en stillevens, maar het wil maar niet lukken om zijn werk te verkopen.
Op een dag besluit hij zijn schilderijen bij een kleine galerie in het centrum neer te zetten. De galeriehouder belooft zijn best te doen om er een koper voor te vinden.
Drie maanden later heeft de schilder nog altijd niets gehoord. Hij begint zich zorgen te maken en besluit de galeriehouder maar eens op te bellen.
“Goedemiddag, met Van Dijk. Zeg, ik vroeg me af of er inmiddels al iemand belangstelling heeft getoond voor mijn schilderijen?”
De galeriehouder klinkt opvallend enthousiast.
“Nou, meneer Van Dijk, wat toevallig dat u belt! Ik heb namelijk goed nieuws én slecht nieuws voor u!”
De schilder gaat meteen rechtop zitten.
“Vertel! Begin maar met het goede nieuws!”
“Nou,” zegt de galeriehouder, “gisteren kwam er een keurige meneer binnen. Hij bekeek al uw schilderijen en vroeg of ze na uw overlijden misschien flink in waarde zouden stijgen.”
“En wat zei u toen?” vraagt de schilder nieuwsgierig.
“Ik heb hem verteld dat uw werk dan waarschijnlijk een klein fortuin waard wordt. En moet u horen: die man was zó enthousiast dat hij meteen al uw schilderijen heeft gekocht! Geen enkele korting gevraagd!”
De schilder springt juichend van zijn stoel.
“GEWELDIG! Eindelijk erkenning! Ik wist wel dat mijn talent ooit ontdekt zou worden!”
Dan valt hij even stil.
“Maar wacht eens even… U had het over goed én slecht nieuws. Wat is dan het slechte nieuws?”
De galeriehouder schraapt zijn keel.
“Nou, meneer Van Dijk…”
“Ja?”
“De man die al uw schilderijen heeft gekocht, is uw cardioloog.”
Check ook: