Twee hondenbezitters staan ’s ochtends bij elkaar te kletsen in het park, terwijl hun honden naast hen zitten te wachten.
Zegt de eerste man trots:
“Mijn hond is zó slim, dat je het bijna niet gelooft. Elke ochtend rond zeven uur zit hij al bij de voordeur te wachten op de krantenjongen.”
De tweede kijkt geïnteresseerd, maar zegt nog niets.
“En let op,” gaat de eerste verder.
“Als die jongen langskomt, pakt mijn hond gewoon een muntje van het kastje in de gang, geeft hem netjes fooi, neemt de krant aan en loopt daarna direct door naar de keuken.”
“Daar zet hij mijn kopje koffie klaar, loopt terug naar de woonkamer en legt de krant keurig op tafel. Elke ochtend weer. Zonder dat ik iets hoef te zeggen.”
De tweede man knikt langzaam en zegt:
“Ja… dat wist ik al.”
De eerste kijkt verbaasd.
“Hoezo wist jij dat al?”
Zegt de tweede rustig:
“Mijn hond heeft het me verteld.”
Check ook: