Een jonge zakenman is net voor zichzelf begonnen. Na jaren dromen heeft hij eindelijk zijn eigen bedrijf: een modern adviesbureau op een klein bedrijventerrein net buiten Utrecht.
Zijn kantoortje heeft hij helemaal naar zijn smaak ingericht. Een groot bureau van donker hout, een leren bureaustoel, een glazen scheidingswand, een dure espressomachine en aan de muur een paar abstracte schilderijen die vooral heel zakelijk moesten lijken.
Hij heeft nog geen klanten, maar dat hoeft natuurlijk niemand te weten.
Op een maandagochtend zit hij achter zijn bureau, strak in pak, zijn laptop open voor zich. Dan ziet hij door de glazen wand een man in werkkleding de ontvangstruimte binnenkomen. De man heeft een gereedschapstas bij zich en kijkt rustig om zich heen.
De jonge ondernemer denkt meteen: dit is mijn kans om professioneel over te komen.
Snel pakt hij de hoorn van zijn telefoon, gaat iets rechterop zitten en begint luid te praten.
“Ja, absoluut, meneer De Vries. Maar voor minder dan twee ton doen we dit traject natuurlijk niet.”
Hij knikt ernstig, alsof er aan de andere kant iemand uitgebreid antwoord geeft.
“Precies. Duitsland kan erbij, maar dan praten we over een internationale strategie. Dan zitten we eerder richting de vijfhonderdduizend.”
Hij loopt wat rond, zwaait met zijn vrije hand en kijkt tussendoor expres naar de man in de ontvangstruimte.
“Ja, zet maar op contract. Nee, morgen zit ik vol. Donderdag misschien, maar dan moet ik even kijken of Londen niet doorgaat.”
Na een paar minuten legt hij de hoorn neer, haalt diep adem en kijkt de bezoeker zelfverzekerd aan.
“Zo,” zegt hij, “waarmee kan ik u helpen?”
De man kijkt hem even aan, tilt zijn gereedschapstas op en zegt:
“Ik ben van KPN. Ik kom de telefoonlijnen activeren.”
Check ook:
