Een Nederlander, een Duitser, een aantrekkelijke jonge vrouw met een kort rokje en een non zitten samen in een ouderwetse treincoupé van de NS.
De trein is onderweg naar Maastricht en de vier passagiers zitten rustig tegenover elkaar. De Nederlander kijkt wat uit het raam, de Duitser leest zijn krant, de jonge vrouw zit met haar benen over elkaar en de non houdt haar handen netjes op haar schoot.
Op een gegeven moment rijdt de trein een lange tunnel in. De verlichting in de coupé blijkt kapot, waardoor het plotseling pikkedonker wordt.
Een paar seconden blijft het stil.
Dan klinkt er ineens een keiharde klap.
PATS!
Wanneer de trein de tunnel weer uitrijdt, zit de Duitser met een pijnlijk gezicht over zijn wang te wrijven. De andere drie doen alsof er niets is gebeurd.
De non kijkt naar de Duitser en denkt:
‘Net goed! Die Duitser heeft natuurlijk in het donker aan dat meisje proberen te zitten. Zij was daar niet van gediend en heeft hem een flinke klap verkocht!’
De jonge vrouw ziet de Duitser over zijn wang wrijven en denkt:
‘Net goed! Hij wilde natuurlijk aan mij zitten, maar heeft in het donker per ongeluk die non vastgepakt. En die heeft hem meteen een draai om zijn oren gegeven!’
De Duitser zit ondertussen woedend voor zich uit te kijken en denkt:
‘Verdammt! Die Nederlander wilde natuurlijk dat mooie meisje betasten, maar heeft per ongeluk de non aangeraakt. Die wilde hem een klap geven, maar die slimme Hollander dook net op tijd weg, waardoor ik de klap kreeg!’
De Nederlander kijkt ondertussen met een tevreden glimlach uit het raam en denkt:
‘Mooi. En in de volgende tunnel geef ik die Duitser gewoon nóg een klap op zijn smoel!’
Check ook:
