Twee vrienden verlieten diep in de nacht een bruine kroeg ergens in Brabant na een flink avondje bier drinken. Ze stapten giechelend in hun oude Opel Astra en reden weg over een donkere polderweg.
Na een paar minuten klonk er ineens zacht getik op het passagiersraam.
De passagier keek op en schrok zich rot.
“Gast… daar hangt een oude man aan het raam!”
De bestuurder trapte meteen het gaspedaal in, maar het gezicht bleef naast het raam verschijnen.
Met trillende handen draaide de passagier het raampje een stukje open.
“W-wat wilt u?”
De oude man vroeg rustig:
“Heb je misschien een sjekkie?”
De passagier gaf hem snel een sigaret.
“RIJDEN!” schreeuwde hij.
De bestuurder gaf extra gas terwijl ze compleet in paniek waren.
Een paar minuten later werden ze rustiger.
“Volgens mij waren we gewoon dronken,” zei de bestuurder lachend. “We rijden inmiddels al 130.”
Plotseling klonk opnieuw getik op het raam.
“NEE HÈ… daar is hij weer!” riep de passagier.
Hij draaide bibberend het raam open.
“Ja?!”
De oude man vroeg:
“Heb je ook een vuurtje?”
De passagier gooide snel een aansteker naar buiten.
“VOL GAS!” schreeuwde hij.
De Astra scheurde verder over de natte polderweg, totdat er opnieuw getik klonk.
De passagier begon bijna te huilen.
“WAT MOET JE NOU WEER?!”
De oude man keek hem verbaasd aan en zei:
“Zal ik anders even helpen om jullie uit de modder te duwen?”
Check ook:
