Twee mannen lopen door een weiland ergens in Nederland als ze ineens een enorm gat in de grond zien.
Het gat is zo diep dat ze de bodem niet eens kunnen zien.
“Hoe diep zou dat zijn?” vraagt de eerste man.
De tweede man pakt een muntje uit zijn zak en gooit het in het gat.
Ze luisteren aandachtig…
Maar na dertig seconden horen ze nog steeds niks.
“Zo dan,” zegt de eerste man. “Dat moet echt diep zijn.”
Even verderop ligt een flinke steen. Met veel moeite tillen ze hem samen op en rollen hem in het gat.
Weer wachten ze.
Weer horen ze helemaal niks.
“Niet normaal,” zegt de tweede man. “Laten we die grote boomstam daar proberen.”
Met z’n tweeën slepen ze de zware boomstam naar het gat en duwen hem erin.
Terwijl ze staan te luisteren, komt er ineens vanuit het niets een geit keihard aanrennen.
Voor ze iets kunnen doen, springt de geit zo het gat in.
De twee mannen kijken elkaar verbijsterd aan.
Even later komt er een boer op zijn tractor aangereden.
Hij stopt en roept:
“Hebben jullie toevallig mijn geit gezien?”
“Ja,” zeggen de mannen. “Die kwam net keihard voorbij rennen en sprong zo dat gat in!”
De boer kijkt verbaasd en zegt:
“Dat kan mijn geit niet zijn geweest…”
“Die zat namelijk vast aan een grote boomstam.”
Check ook:

