Een man loopt door een gewone Nederlandse straat als hij ineens een touw ziet hangen.
Hij kijkt omhoog… en ziet dat het touw verdwijnt in de wolken.
Nieuwsgierig besluit hij omhoog te klimmen.
Boven aangekomen staat hij ineens voor een balie naast een enorme poort.
Achter de balie staat een man die zegt:
“Ho, Karel… wat doe jij hier? Je tijd is nog lang niet gekomen.”
Karel vraagt waar hij is.
“Bij de hemelpoort,” zegt de man. “Ik ben Petrus.”
Karel vraagt of hij even mag rondkijken, nu hij er toch is.
Petrus denkt even na en zegt:
“Dat mag. Maar om precies 14.00 uur moet je terug zijn, want dan verdwijnt het touw.”
Karel loopt naar binnen… en het is prachtig. Zon, stranden, muziek, gezelligheid — alles klopt.
Hij verliest compleet de tijd.
Pas om 14.30 uur komt hij terug bij de balie.
Petrus schudt zijn hoofd.
“Te laat. Dan moet je hier blijven.”
“Dat kan niet,” zegt Karel. “Ik heb thuis een vrouw en twee jonge kinderen.”
Petrus zucht.
“Goed. Ik kan je veranderen in een spin. Dan spin je zelf een draad naar beneden.
Eenmaal op aarde word je weer mens.”
Zo gezegd, zo gedaan.
Maar… 35 meter boven de grond is zijn draad ineens op.
Karel denkt: Dit gaat niet goed…
Hij probeert alles om nog een stukje draad te maken.
Nog een beetje. En nog een beetje.
Dan hoort hij ineens een stem:
“Karel! Word wakker!
Je maakt er een enorme puinhoop van!”
Check ook:

