Daan loopt op een dag door Amsterdam, vlak bij de Wallen.
Daar ziet hij een man uit een van die rode straatjes komen.
Daan kijkt hem aan en zegt:
“Volgens mij weet ik waar u net geweest bent.”
De man kijkt geschrokken om zich heen en drukt hem snel vijf euro in zijn hand.
“Hier jongen, koop maar wat lekkers. Maar tegen niemand zeggen, hè?”
Als Daan thuiskomt, vertelt hij het natuurlijk meteen aan zijn moeder.
Zijn moeder vindt dat helemaal niet netjes en zegt:
“Daan, dat hoort niet. Jij gaat dit biechten.”
Even later zit Daan in het biechthokje.
Het kleine raampje schuift open en daar verschijnt de priester.
Daan kijkt verbaasd en zegt:
“O… dan weet ik nu ook waar ú werkt.”
Check ook:

