Een ezel

By Jay
2 Min Read

Er was eens een koning die een dagje wilde gaan vissen aan het IJsselmeer. Voor vertrek vroeg hij zijn dure, hoogopgeleide weerman van het KNMI hoe het weer zou worden.

“Majesteit, maak u geen zorgen,” zei de weerman. “Het blijft droog.”

Dus stapten de koning en de koningin vrolijk in de auto richting het water. Onderweg kwamen ze een boer tegen met zijn ezel langs de weg.

De boer zei:
“Majesteit, u kunt beter omkeren. Het gaat zo keihard regenen.”

De koning glimlachte beleefd en zei:
“Ik vertrouw op mijn expert. Die heeft gestudeerd en verdient een flink salaris. Ik ga gewoon door.”

Niet veel later barstte er een enorme regenbui los. Ze kwamen kletsnat aan en de hele dag viel letterlijk in het water.

Woedend ging de koning terug naar het paleis en ontsloeg direct zijn weerman. Daarna liet hij de boer komen en bood hem de baan aan.

De boer krabde zich achter zijn hoofd en zei:
“Majesteit, ik weet helemaal niks van het weer. Maar mijn ezel wel. Als zijn oren gaan hangen, weet ik dat het gaat regenen.”

Vanaf die dag gaf de koning de baan aan de ezel.

En zo is volgens sommigen de traditie ontstaan dat je bij de overheid niet altijd de slimste bovenaan vindt staan.

Check ook:

Share This Article
Mobiele versie afsluiten