Roderik zit er compleet doorheen. Zijn bedrijf is failliet, zijn huwelijk is stukgelopen en zijn zoon hangt de hele dag rond in coffeeshops.
Op een avond zit hij moedeloos op een bankje op de Neude in Utrecht, starend naar de Domtoren.
Plots hoort hij een stem naast zich.
“Niet zo sip kijken.”
Hij draait zich om en ziet een oud, slordig vrouwtje met een paar tanden, een gerimpeld gezicht en een ondeugende blik in haar ogen.
“Wat moet u?” bromt Roderik.
“Ik ben een fee,” zegt ze. “Ik kan je helpen. Je mag drie wensen doen. Maar eerst moet je één nacht met mij doorbrengen.”
Roderik twijfelt… maar wanhoop doet rare dingen met een mens.
De nacht is allesbehalve sprookjesachtig.
De volgende ochtend, als de stad langzaam wakker wordt, zegt Roderik opgelucht:
“Mag ik nu mijn drie wensen doen, lieve fee?”
“Zeker,” zegt het vrouwtje. “Maar eerst… hoe oud ben je eigenlijk?”
“Negenendertig,” antwoordt Roderik.
Het vrouwtje schudt haar gerimpelde hoofd.
“Negenendertig… en geloof je nog steeds in sprookjes?”
Check ook:

